Spraak- en telegrafiefilter

De moderne zend en ontvangst apparatuur is vaak rijkelijk voorzien van filters, die het ontvangen signaal zo ver oppoetsen dat het lekker in het gehoor ligt. De gebruikers van oudere apparaten moeten dit gemak vaak ontberen, maar een amateur zou geen amateur zijn als hij of zij daar geen oplossing voor zou hebben. Het af en toe warmstoken van de soldeerbout hoort nou eenmaal bij onze hobby en is bovendien een aangenaam tijdverdrijf. Het hierna beschreven filter is simpel te maken en geeft een aanzienlijke verbetering van , naar keuze, spraak of telegrafie signalen.

Wat willen we?

Bij de ontvangst van spraak willen we de frequentie begrenzen van 300 tot 3000 Hz of bij telegrafie tot 800 Hz. Het is zonder meer mogelijk hiervoor filters samen te stellen met spoelen en condensatoren maar het nadeel daarvan is dat een dergelijk filter vaak duur en erg groot uitvalt. Dit is dan ook de rede dat in het beschreven filter gebruik gemaakt wordt van weerstanden en condensatoren.

Het filter

De doorlaatband van het filter wordt bepaald door een hoogdoorlaatfilter in combinatie met een laagdoorlaatfilter. De koppeling tussen beide filters is uitgevoerd met een darlington schakeling waardoor de terugkoppeling minimaal is. De constante verzwakking binnen de doorlaatband is ongeveer 3 dB. Deze verzwakking kan indien nodig gecompenseerd worden door het gebruik van een kleine versterker.

Eigenschappen van de schakeling:

Versterking - 3 dB Max. ingangsspanning ca.300 mV (bij 6 V voedingsspanning ca. 100 mV)

Vervorming max 0,2 % bij een belasting ³ 10 KOhm

Frequentiegebied 300 Hz…3 kHz ± dB

Spraakfilter 125Hz…& kHz bij - 20 dB

Telegrafiefilter 550…990 Hz ± 3 dB 210 Hz…2,7 kHz bij -20 dB

Ingangsweerstand ca. 50 KOhm

Tabel 1. Verschillende componentenwaarden voor telegrafie (T) en spraak (S) filter.

	C	T	S		R	T	S
   
	1	10 nF	0,1 mF		1	82 kOhm	82 kOhm
	2	1 nF	1 nF		2	100 kOhm	100 kOhm
	3	1 nF	1 nF		3	4,7 kOhm	4,7 kOhm 
	4	1 nF	1 nF		4	330 kOhm	560 kOhm	
	5	2,2 nF	1 nF		5	330 kOhm	560 kOhm
	6	2,2 nF	1 nF		6	5,6 kOhm	5,6 kOhm
	7	1 nF  	470 pF		7	1,8 MOhm	2,7 MOhm
	8	5 mF	5 mF		8	1,2 MOhm	2,2 MOhm
	9	47 mF	100 mF		9	4,7 kOhm	4,7 kOhm
					10	68 kOhm	47 kOhm
					11	68 kOhm	47 kOhm
					12	68 kOhm	47 kOhm
					13	5,6 kOhm	5,6 kOhm
					14	4,7 kOhm	4,7 kOhm
					15	5,6 kOhm	5,6 kOhm

De gebruikte transistoren zijn universele silicium npn transistoren die iedereen wel op voorraad heeft.